Ajax Camps & Clinics 2013

Ik ken jou

Vrijdag a.s. mag mijn oudste dochter in het voorprogramma van Telstar – Ado Den Haag, een wedstrijd spelen voor Jonger Oranje (zie ook Komt dat zien). Hoewel ze in de eerste plaats natuurlijk enorm uitkijkt naar deze wedstrijd, overheerst hier thuis ook de vraag “Zou ik Babiche dan ook zien?”.

Babiche Roof heeft zich namelijk onsterfelijk gemaakt bij mijn dochter. En dat met slechts 3 woorden. Zonder zich daar waarschijnlijk zelf bewust van te zijn.

Hoe dat is gekomen? Daarvoor moet ik even terug in de tijd. Naar 2013 om precies te zijn. Babiche speelde toen nog bij Ajax en mijn toen 8-jarige dochter volgde daar in de herfstvakantie een clinic. Dat op zich was al een geweldige ervaring: op De Toekomst een dag getraind worden door de Ajax-vrouwen. Maar uiteindelijk bleek dit de voorbode van een nog specialer moment.

Want bijna 2 jaar later, in het voorjaar van 2015, deed mijn dochter mee aan een talentendag van Jonger Oranje. Babiche speelde inmiddels bij Telstar en was van daaruit een van de aanwezige scouts.

En daar sprak ze dus die 3 woordjes tegen haar:

Ik ken jou

Woordjes die op zich misschien van weinig waarde lijken. Maar die op mijn dochter een onuitwisbare indruk hebben gemaakt. Die haar waarschijnlijk heel even het gevoel gaven een sterspeelster te zijn. Of haar op z’n minst even heel bijzonder maakte.

Ik ken jou

3 kleine woordjes uitgesproken door iemand die zij heel hoog had zitten, waar ze tegen op keek. Iemand die iets deed waar zij alleen maar van kon dromen: voetballen op profniveau. En zij herkende haar! Hoe bijzonder was dat?

En waarschijnlijk is Babiche gewoon iemand die heel goed is in het onthouden van gezichten. Iets wat ik persoonlijk overigens sowieso al heel knap vindt, want dat is nou niet bepaald mijn sterkste punt. Maar toch. Zou ze geweten hebben dat die 3 woordjes zo’n impact konden hebben? Geen idee, maar eigenlijk maakt dat ook niet zoveel uit. Voor mijn dochter waren ze van onschatbare waarde.

Vandaar de vraag of ze haar nog zal zien vrijdag. En als dat zo is, dient zich gelijk alweer de volgende vraag aan. Want wat moet je dan zeggen? Je wilt dan natuurlijk geen flater slaan. Bovendien is er inmiddels alweer zoveel tijd verstreken dat van herkenning hoogstwaarschijnlijk geen sprake meer zal zijn. En mijn dochter dit keer “Ik ken jou” tegen haar kan zeggen. Maar ja, dat maakt ongetwijfeld minder indruk.

Kortom, de komende dagen houdt het hier de gemoederen nog wel even bezig. En dat is misschien maar goed ook, want dat haalt ook een beetje de spanning van de wedstrijd af. Want die is er stiekem natuurlijk toch ook wel.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

UA-74423621-1